Slappe hap
Bij de verkiezingen van 2023 beloofde de PVV het strengste asielbeleid ooit. Met 37 zetels gaf het volk die partij een ongekend mandaat. Wat volgde was een reeks van compromissen, blunders en politiek gekonkel dat elke serieuze poging tot strenger beleid langzaam maar zeker de nek omdraaide.
Het begon veelbelovend. In het coalitieakkoord van het kabinet-Schoof werd een noodwet afgesproken tussen PVV, BBB, NSC en VVD. Maar NSC krabbelde terug. De juridische onderbouwing deugde niet, vond de partij. Dat het noodrecht gewoon in het coalitieakkoord stond, leek daarbij even vergeten. Wat overbleef was een reguliere spoedwet, de Asielnoodmaatregelenwet. Minder, maar nog altijd iets.
Toen die wet van minister Faber in de Tweede Kamer in stemming kwam, probeerde de PVV hem verder aan te scherpen via het amendement-Vondeling. Dat maakte niet alleen illegaliteit strafbaar, maar ook medeplichtigheid daaraan. Een logische aanvulling vanuit PVV-perspectief, want in de toelichting stond het er gewoon in: ook hulpverleners zouden strafbaar zijn.
En toen ging het mis. Niet een beetje mis, maar fundamenteel mis.
Op 1 juli 2025, de dag van de Keti Koti-herdenking, de officiële herdenking van het slavernijverleden, waren meerdere Kamerleden van de linkse oppositie afwezig.
Zij kozen ervoor om naar de herdenking te gaan in plaats van naar de stemming.
Door die afwezigheid én slecht geregelde pairafspraken haalde het amendement-Vondeling onverwacht een meerderheid.
Achteraf bleek dat enkele partijen de volle reikwijdte van het amendement niet volledig hadden ingezien, met name de strafbaarstelling van hulp aan illegaliteit voor hulpverleners, kerken en vrijwilligersorganisaties. Pas toen de juridische consequenties duidelijk werden, ontstond er grote commotie. Wetgeving met zulke vergaande gevolgen verdient grondige bestudering. Niet een handtekening die pas achteraf wordt begrepen.
Laat ik helder zijn: dit was geen ongelukje,de PVV ging voor elke aanscherping die het strengste asielbeleid ooit konden realiseren. Voor de andere partijen was het een staaltje van politiek amateurisme dat de weg plaveide voor wat volgde: een eindeloze reeks dreigementen, onderhandelingen en politieke spelletjes, waarbij het oorspronkelijke doel, een strenger asielbeleid, steeds verder uit beeld verdween.
Het kabinet-Schoof was inmiddels gevallen, de PVV had haar ministers teruggetrokken, waaronder Faber, en Van Weel mocht als demissionair minister de puinhoop opruimen die de Tweede Kamer zichzelf had aangericht. Van Weel probeerde de schade te beperken met een novelle, een kleine wetsaanpassing waarmee één onderdeel van een al aangenomen wet wordt gecorrigeerd. In dit geval werd vastgelegd dat hulp aan illegaliteit niet langer strafbaar zou zijn, terwijl illegaliteit zelf strafbaar bleef. De PVV slikte het met tegenzin, want iets was beter dan niets. Maar zelfs dat “iets” bleek te veel gevraagd.
Toen trad het kabinet-Jetten aan. Een minderheidskabinet van D66, VVD en CDA, met slechts 66 zetels. Opvallend detail: D66 had in de Tweede Kamer tegen zowel de asielwetten als de novelle gestemd, terwijl de partij tijdens de campagne had aangegeven de asielstroom te willen beperken. Toen D66 vervolgens ook in het Europees Parlement tegen een strenger Europees asielbeleid stemde, was voor de PVV de conclusie helder: onder deze coalitie zou er van streng asielbeleid weinig terechtkomen.
En nu dreigt de PVV in de Eerste Kamer tegen de novelle te stemmen, waardoor de gehele wet op losse schroeven komt te staan. D66 wordt daarmee keihard voor een keuze gezet: de partij heeft in het coalitieakkoord afgesproken de asielwetten uit te voeren, maar stemde er eerder juist tegen. Het CDA is in de Eerste Kamer wel bereid voor de wet te stemmen als de novelle wordt aangenomen.
De opstelling van de PVV is politiek strategisch volkomen begrijpelijk.
De partij steunt de wetten, maar weigert de afgezwakte versie via de novelle.
Andere partijen wijzen naar de PVV als saboteur. Maar wie heeft er nu eigenlijk gefaald?
De partij die consequent haar standpunt verdedigt, of de partijen die voor wetgeving stemden zonder de volle consequenties te overzien, en nu van de PVV verwachten dat zij de kastanjes uit het vuur haalt?
De VVD zoekt steun bij de oppositie om een meerderheid te redden, terwijl die steun gewoon bij de eigen coalitiepartners D66 en CDA gevonden zou moeten worden. Dat zegt alles over de staat van deze coalitie. En over hoe ver politieke afspraken soms af staan van eerder ingenomen standpunten.
De kiezer die in 2023 koos voor het strengste asielbeleid ooit krijgt uiteindelijk niets of een slap aftreksel van niets.